2013.10.20

Het geheugen visueel ondersteunen

Je kunt het geheugen een handje helpen door het met jouw ogen te ondersteunen. De volgende tips kunnen helpen:

  • Gebruik grafieken, tabellen en afbeeldingen uit boeken en breng ze in verband met wat je leest.
  • Maak zelf grafieken, tabellen en afbeeldingen als die er niet zijn, ook als je niet kunt tekenen. De nadruk ligt immers op de inhoud, niet op de artistieke waarde ervan.
  • Maak grappige tekeningen die een verband of een idee illustreren.
  • Gebruik de achterkant van affiches om op te schrijven of te tekenen als je moeilijke leerstof moet verwerken. Hang deze op een plaats waar je ze vaak tegenkomt.
  • Maak kleine kaartjes met belangrijke tekeningen of sleutelbegrippen. Hou ze bij en neem ze door op vrije momenten.
  • Gebruik kleuren om de leerstof een betekenis te geven:
    • een opvallende kleur voor moeilijke of gevaarlijke onderdelen.
    • verschillende kleuren voor eigen nota's of leerstof uit het handboek.
  • Maak jouw nota's ook visueel duidelijk:
    • laat veel witruimte.
    • houd samenhangende feiten ook visueel samen

Bron

http://www.dvc.edu

19:06 Gepost door Lieven Coppens in Leren studeren | Permalink | Tags: schematiseren, secundair onderwijs, hoger onderwijs | |

2013.03.23

Kritisch lezen? Hoe doe je dat?

Kritisch lezen is zeer belangrijk bij het verwerken van nieuwe informatie. Niet alles wat geschreven wordt is zonder meer waard. Hou dan ook de volgende vragen in jouw achterhoofd terwijl je leest:

  • Wat is het onderwerp van de tekst? Welke problemen worden er besproken?
  • Welk antwoord formuleert de auteur op de verschillende problemen?
  • Wat is de bewijsvoering voor de stellingen of conclusies van de auteur? Gebruikt hij feiten, theorieën, meningen of overtuigingen?
    • Een feit kan bewezen worden.
    • Een theorie moet nog bewezen worden.
    • Een mening is al dan niet gebaseerd op een betrouwbare redenering.
    • Een overtuiging kan door haar aard nooit bewezen worden.
  • Gebruikt de auteur neutrale of emotionele woorden? Een kritische lezer leest tussen de regels om te zien of de aangehaalde redenen zuiver zijn.
  • Wees er voor jezelf van bewust waarom je de argument van de auteur aanvaardt of verwerpt.

Een kritische lezer...

  • ... blijft eerlijk met zichzelf
  • ... laat zich niet manipuleren
  • ...overwint verwarring
  • ...stelt zich vragen
  • ... baseert zijn oordeel op bewijzen
  • ... zoekt naar verbanden tussen de verschillende onderwerpen
  • ... denkt zelf en laat niet voor zich denken

Bron

http://www.studygs.net/index.htm

17:42 Gepost door Lieven Coppens in Leren studeren | Permalink | Tags: hoger onderwijs, leesstrategieen, secundair onderwijs | |

2013.03.09

Studerend lezen kun je leren: SQ3R

SQ3R is een methode waarmee je kan leren om studerend te lezen. De afkorting is afkomstig uit het Engels en staat voor Survey! Question! Read! Recite! Review! In het Nederlands klinkt het als Overzie! Vraag! Lees! Verwoord! Herhaal!

Survey: Overzie het artikel voor je begint te lezen: 

  • Bekijk de hoofd- en bijtitels.
  • Lees de bijschriften bij de afbeeldingen.
  • Bekijk de vragen of de studiegids van de leerkracht.
  • Lees de inleidende én de slotparagraaf.
  • Indien aanwezig: bekijk de samenvatting van het artikel.

Question: Stel vragen op terwijl je het artikel overziet:

  • Vorm de hoofd- en bijtitels om tot vragen.
  • Lees de vragen aan het eind van het artikel of aan het eind van elk onderdeel (als die er zijn).
  • Denk aan hetgeen de leerkracht reeds vertelde over het onderwerp.
  • Lijst op wat je zelf al weet over dit onderwerp.
Het kan je helpen om deze dingen op te schrijven om ze later opnieuw te kunnen bekijken. Deze variatie heet dan de SQW3R-methode waarbij de W staat voor Write.

Read: Hou met de volgende dingen rekening terwijl je leest:

  • Zoek antwoorden op de vragen die voordien bij je opkwamen.
  • Stel jezelf vragen bij het begin en einde van elk onderdeel.
  • Herlees de bijschriften bij de afbeeldingen.
  • Schenk aandacht aan alle woorden en zinnen die onderlijnd, gecursiveerd of in het vet zijn afgedrukt.
  • Bestudeer ook grafische hulpmiddelen zoals tabellen, schema's...
  • Lees trager bij moeilijke passages uit de tekst.
  • Stop en herlees stukken die je niet begrijpt.
  • Lees elk deel afzonderlijk en herhaal het daarna.

Recite: Verwoord na elk deel wat je gelezen hebt:

  • Ondervraag jezelf mondeling over wat je gelezen hebt. Vat het in jouw eigen woorden samen.
  • Neem nota's in jouw eigen woorden.
  • Onderlijn of markeer belangrijke punten die je las.
  • Gebruik een manier om te herhalen die het beste past bij jouw persoonlijke leerstijl. Denk eraan dat je beter onthoudt naarmate je meer zintuigen gebruikt. Anders gezegd:
    • Leren met drievoudige sterkte = zien + zeggen + horen.
    • Leren met viervoudige sterkte = zien + zeggen + horen + schrijven.

Review: Het cyclisch proces van het herhalen:

De eerste dag:
  • Als je het volledige artikel gelezen hebt, schrijf dan vragen in de marge over de punten die je onderstreept of gemarkeerd hebt.
  • Als je nota's nam tijdens het verwoorden, schrijf dan vragen bij die nota's in de marge van je notablad.

De tweede dag:

  • Blader door de tekst en jouw nota's om je opnieuw vertrouwd te maken met de belangrijkste punten.
  • Probeer de vragen die je neerschreef in de marge te beantwoorden zonder naar de tekst of jouw nota's te kijken.
  • Tracht jezelf alle vragen die je neerschreef te herinneren zonder naar de tekst te kijken en beantwoord ze mondeling.
  • Maak flitskaarten van de moeilijke vragen.
  • Gebruik mnemotechnische (geheugensteunende) middeltjes voor leerstof die je uit het hoofd moet leren.

De derde, vierde en vijfde dag:

  • Gebruik afwisselend jouw flitskaarten en nota's en beantwoord telkens (mondeling of schriftelijk) de vragen die je voordien opstelde.
  • Indien noodzakelijk: maak flitskaartjes bij.

Het weekend

  • Maak een inhoudstafel waarin alles staat dat je moet onthouden.
  • Maak van deze inhoudstafel een schema, mindmap, ...
  • Verwoord alles van dit schema in jouw eigen woorden.

Bron

http://www.studygs.net/texred2.htm

15:01 Gepost door Lieven Coppens in Leren studeren | Permalink | Tags: hoger onderwijs, leerstrategieen, leesstrategieen, methodiek, secundair onderwijs, sq3r, studieaanpak | |

2013.02.22

Bedenkingen over faalangst

21:15 Gepost door Lieven Coppens in Leren studeren | Permalink | Tags: faalangst, hoger onderwijs, secundair onderwijs | |

2012.06.03

Learning to learn webquest

Webquests zijn onderzoeksprojecten op het Internet voor groepen. Ze zijn onafhankelijk van welke hulp van buitenaf ook omdat alle links naar het benodigde materiaal in de webquest zelf aanwezig zijn. 

Op het Internet vond ik deze webquest over leren leren, die volgens mij, al dan niet vertaald, goed zou kunnen gebruikt worden in het secundair onderwijs. Deze zoektocht op het Internet draait rond drie thema's:

  • Mindmaps
  • Leerstijlen
  • De theorie van de Denkhoeden (Thinking Hats) en het laterale denken van Edward De Bono.

In groepjes van drie verkennen de leerlingen deze drie thema's. Centraal daarbij staan telkens aan aantal vragen die hen moeten helpen deze verkenning grondig te doen en tegelijkertijd te vertalen naar hun medestudenten.

Bron

http://www.teachnet-uk.org.uk/2005%20Projects/ICT-L2Lwebq...

20:35 Gepost door Lieven Coppens in Leren studeren | Permalink | Tags: algemeen, secundair onderwijs | |

2012.05.19

Veertien tips om thuis beter te studeren

In september 2004 kwam de vzw Die-'s-lekti-kus naar buiten met de Werkmap Leerzorg. Het was en is de bedoeling om de deskundigheid van leerkrachten, CLB-medewerkers, zorgbegeleiders, leerlingbegeleiders, pedagogische begeleidersn leerlingen en ouders op het vlak van Leerzorg te vergroten. De map is intussen niet meer te verkrijgen,b maar wel nog te downloaden op de website Letop. In het zesde hoofdstuk van deze map kan je veertien zeer concrete tips vinden in verband met het leren en studeren thuis. Ik maakte voor jullie een overzicht:

Door op een tip te klikken kom je direct bij die tip op de website van Letop terecht.

Bron

www.letop.be

15:05 Gepost door Lieven Coppens in Leren studeren | Permalink | Tags: algemeen, basisonderwijs, hoger onderwijs, leertips, secundair onderwijs | |

2012.03.11

De leerstijlen volgens Kolb

basisonderwijs,hoger onderwijs,kolb,leerstijl,secundair onderwijsMensen leren op verschillende manier. De psycholoog Kolb onderzocht dit en vond er vier. Deze leerwijzen komen overeen met vier fasen in het leren die van elkaar afhankelijk zijn:

  • concreet ervaren
  • waarnemen en overdenken
  • abstracte begripsvorming
  • actief experimenteren

Volgens Kolb is dit een spiraalvormig model: de verschillende fasen herhalen zich voortdurend in dezelfde volgorde.Per cylus heeft de persoon iets bijgeleerd. Met andere woorden: de volgende cyclus zal op een hoger niveau verlopen.

Je hoeft niet altijd bij de fase van het concreet ervaren te beginnen. Je kan ook op een ander moment van de cyclisch instappen. Je kunt zelfs een fase overslaan, maar dan daalt het leerrendement.

Iedere mens heeft zijn voorkeur voor een bepaalde fase uit deze cyclus. Kolb noemt dat iemands leerstijl. De vier leerstijlen zijn bijgevolg:

  • doener (concreet ervaren)
  • bezinner (waarnemen en overdenken)
  • denker (abstracte begripsvorming)
  • beslisser (actief experimenteren)

Kolb ontdekte ook dat mensen geneigd zijn om de leerstijl die ze reeds goed beheersen verder uit te bouwen ten koste van de andere. Hij pleit ervoor dat iedere persoon ook de drie andere leerstijlen zou 'trainen'.

Op het Internet kan je verschillende online tests doen die jouw leerstijl onderzoeken. Ik koos deze uit.

Bron

http://www.thesis.nl/kolb/

10:01 Gepost door Lieven Coppens in Leren studeren | Permalink | Tags: basisonderwijs, hoger onderwijs, kolb, leerstijl, secundair onderwijs | |

2012.01.29

Informatiegeletterdheid

Het begrip informatiegeletterdheid slaat op het geheel van vaardigheden die iemand nodig heeft om informatie te verzamelen en te verwerken. Deze vaardigheden zijn ondermeer:

  • kunnen vastleggen welke informatie men nodig heeft;
  • het opzoeken van informatie kunnen plannen;
  • weten waar men de informatie die men nodig heeft kan vinden;
  • de gevonden informatie kunnen beoordelen;
  • de informatie die men weerhouden heeft kunnen ordenen en gebruiken;
  • de informatie kunnen doorgeven en bespreken.

Iemand die informatiegeletterd is, beseft de waarde van informatie in de hedendaagse maatschappij. Hij zal deze dan ook doelbewust opzoeken en gebruiken. Deze informatiegeletterdheid wordt steeds belangrijker bij het leren. Het is een noodzakelijk onderdeel van het begeleid zelfstandig leren.

Op de website van de Britse Universiteit van Huddersfield vond ik ooit een interactieve gids over deze informatiegeletterdheid. Hieruit bleek dat er 10 noodzakelijke vaaardigheden waren:

  1. Hoe beslis ik wat ik moet weten?
  2. Hoe moet ik informatie opzoeken?
  3. Hoe herken ik de bronnen die ik nodig heb?
  4. Hoe zoek ik in de catalogus van een bibliotheek?
  5. Hoe vind ik wat ik nodig heb op de boekenplank?
  6. Hoe gebruik ik tijdschriften?
  7. Hoe gebruik ik databestanden op het Internet?
  8. Hoe zoek ik op het Internet?
  9. Hoe beoordeel ik het gevonden materiaal?
  10. Hoe maak ik referenties?

10:25 Gepost door Lieven Coppens in Leren studeren | Permalink | Tags: hoger onderwijs, informatiegeletterdheid, secundair onderwijs | |

2011.05.29

Huiswerkbegeleiding of huiswerkoorlog

Huiswerk is vaak niet alleen voor kinderen met leermoeilijkheden een hele opgave. Ook voor de ouders van deze kinderen is het huiswerkmoment vaak het lastigste moment van de dag. Een moment dat af en toe eindigt in emotionele uitbarstingen of hoogoplopende ruzies. Deze tips kunnen alvast helpen om de druk een beetje van de ketel te laten.

  • Zorg voor het juiste klimaat.Het is belangrijk dat alle huisgenoten het belang van het huiswerk erkennen. Stel een aantal regels op waardoor je de afleidingen voor het kind tot een minimum beperkt.:
    • Geen bezoek van vrienden tot na het huiswerkmoment (stel een uur vast waarna het wel kan!)
    • Radio en televisie uit of op een laag volume...
    • Laat verschillende kinderen hun huiswerk indien mogelijk op hetzelfde moment maken...
  • Spreek duidelijk af wie het huiswerk zal begeleiden. Jouw stemming alleen al kan bepalen hoe geduldig je met jouw kind omgaat. Niet iedereen heeft de vereiste eigenschappen om elke dag opnieuw geduldig, eerlijk, flexibel of objectief met het kind om te gaan. Je bepaalt best vooraf wie het kind gaat helpen. Ook oudere broers of zussen kunnen hierbij eventueel inspringen.
  • Zorg voor een duidelijke routine. Bepaal een vast moment en een vaste plaats voor het huiswerk. Ga na wat het kind al zelfstandig kan en waarbij het hulp nodig heeft. Ga hierbij uit van de draagkracht van jouw kind. Als ouder weet je heel goed welke situaties jouw kind al aankan.
  • Zorg voor een aantal succeservaringen aan het begin van het huiswerkmoment. Hierdoor krijgt het kind wat vertrouwen erbij en is het waarschijnlijk meer geneigd om ook de moeilijker opgaven aan te vatten. Deel moeilijker opgaven op in verschillende deeltaken. Jouw kind kan er waarschijnlijk al een aantal wel. Hierdoor wordt de moeilijke opgave overzichtelijk.
  • Toon dat je elk antwoord ziet als het resultaat van een inspanning. Een lange dag op school, te weinig geslapen hebben, je ziek voelen, het kan allemaal het niveau van presteren beïnvloeden. Een kleine hulp zoals het voorlezen van de huiswerkopdracht of samen met het kind de taak oplossen levert meestal meer op dan het kind te straffen.
  • Zorg voor positieve opmerkingen tijdens het huiswerk. Opmerkingen als 'Als je niet kunt vermenigvuldigen mag je niet naar het volgende leerjaar' zijn meestal niet van die aard om het huiswerk succesvol af te werken. Opmerkingen als 'Ik ben blij dat je blijft proberen ook al is het moeilijk' zijn dat wel.

Bron:

http://specialed.about.com/cs/learningdisabled/a/homework...

19:07 Gepost door Lieven Coppens in Leren studeren | Permalink | Tags: basisonderwijs, huiswerk, huiswerkbegeleiding, secundair onderwijs | |

2011.05.21

Studeren met structuren

Leerstof wordt vaak aangeboden in een doorlopende tekst. Niet alles in deze tekst is even belangrijk. Je kan het leren eenvoudiger maken door structuur te brengen in deze tekst. In sommige handboeken merk je dat bepaalde woorden of zinnen vet of cursief gedrukt staan. Hoewel je zo al kan zien waarover de tekst gaat, weet je nog niet wat er over die woorden of zinnen gezegd wordt. Je kan beginnen onderlijnen in de tekst met verschillende kleuren, maar vaak maakt dat de tekst alleen maar onduidelijker. Besluit je toch te onderlijnen, wees dan sober: onderlijn alleen het belangrijkste en maak er geen kleurboek van.

Ik vind het beter om het anders aan te pakken. Als je de lessen van de dag verwerkt, is het een kleine moeite om de tekst reeds in een structuur te gieten. Dat kan in een schema, dat kan ook in een tekening.

Stel: In de les biologie over het zenuwstelsel heb je geleerd hoe de hersenen zijn opgebouwd. Je neemt thuis jouw nota's en handboek en maakt het volgende schema:

  • Grote hersenen
    • Twee hemisferen of hersenhelften
      • Linkerhersenhelft
        • Voorhoofdskwab
        • Wandkwab
        • Slaapkwab
        • Achterhoofdskwab
      • Rechterhersenhelft
        • Voorhoofdskwab
        • Wandkwab
        • Slaapkwab
        • Achterhoofdskwab
    • Hersenbalk = verbinding tussen de twee hersenhelften
    • Chiasma
      • Aan onderkant grote hersenen
      • Vlindervormig
      • Klier vlakbij: "Hypofyse" of "Hersenaanhangsel"
      • "Epifyse": klier boven de Hypofyse
    • Twee kleuren
      • Grijze stof
        • Buitenste laag
        • Dun
        • "Schors"
      • Witte stof
        • Binnenste deel
        • Groot
        • "Merg"
        • Heeft centrale holte: "Hersenkamer
  • Kleine hersenen
    • Onderkant van de grote hersenen
    • Grijze en witte stof
    • Veel groeven
      • Smal
      • Bijna evenwijdig
      • Grijze stof dringt diep door in witte stof: "Levensboom"
      • Voorste en achterste kwab
      • Twee hemisferen of helften
  • Verlengde merg
    • Onderaan de grote hersennen, tussen de twee hersenhelften
    • "Brug van Varol" of "Pons"
      • Verdikking bij het begin
      • Ligt onder de Hypothalamus
        • Hypothalamus verbonden door steel met Hypofyse
      • Verbinding tussen hersenen en ruggemerg
      • Grijze en witte stof afwisselend verdeeld
      • Centrale kanaal staat in verbinding met hersenamer
  • 3 hersenvliezen
    • Rond de hersenen
    • Vloeistof: "Hersenvocht"

Let wel op: deze structuur moet je achteraf kunnen omzetten in een vlotte tekst. In die tekst moeten verbanden juist worden weergegeven.

Sommige leerlingen en studenten hebben liever een tekening of visuele voorstelling van de leerstof. dit kan tegenwoordig heel eenvoudig met de techniek van het "Mindmappen". Klik hier om een voorbeeld te zien van een mindmap met dezelfde inhoud als in het schema. In zo een afbeelding kan je werken met kleuren, hoofd- en zijtakken om de inhoud visueel te structureren. Dit is vaak een goed middel voor leerlingen en studenten die zich de leerstof graag voorstellen.

Bron

GEUNS J. e.a., Macro mico in de biologie 3.Wolters Plantyn, Deurne, 1981, pp.90, ISBN 90 301 6683 5.

11:34 Gepost door Lieven Coppens in Leren studeren | Permalink | Tags: gedachtenkaart, hoger onderwijs, leerstijl, mindmap, samenvatten, secundair onderwijs, structureren | |

1 2 3 4 5 6 7 8 9 Volgende